![]() |
![]() |
![]() |
|
van België |
Dienst wetenschappelijke inlichtingen |
Planetarium |
I.-- 19 april 2004,
gedeeltelijke zonsverduistering,
onzichtbaar in België.
Lengte
t.o.v.
FAZEN Wereldtijd Greenwich Breedte
--- --- --- ---
h m o ' o '
Begin van de verduistering 11 29,9 050 40 W 69 41 S
Maximum van de verduistering 13 34,2 044 02 E 61 33 S
Einde van de verduistering 15 38,5 031 10 E 20 02 S
Maximale grootte van de verduistering: 0,737, als de middellijn van de zonneschijf als
eenheid genomen wordt.

P Gedeeltelijke zonsverduistering, zichtbaar. p Gedeeltelijke zonsverduistering, gedeeltelijk zichtbaar.
II.-- 4 mei 2004,
totale maansverduistering,
gedeeltelijk zichtbaar in België.
Lengte hoogte
t.o.v. positie- te
FAZEN Wereldtijd Greenwich Breedte hoek Ukkel
--- --- --- --- --- ---
h m o ' o ' o o
Intrede van de maan in de bijschaduw 17 50,8 089 53 E 15 54 S 101 E -
Intrede van de maan in de kernschaduw 18 48,2 076 03 E 16 08 S 095 E -
Maansopkomst te Ukkel 19 06,3 071 42 E 16 12 S 091 E 0
Begin van de totale verduistering 19 52,0 060 42 E 16 23 S 072 E +06
Maximum van de verduistering 20 30,1 051 31 E 16 32 S 023 E +10
Einde van de totale verduistering 21 08,3 042 20 E 16 41 S 333 E +14
Uittrede van de maan uit de kernschaduw 22 12,1 026 58 E 16 56 S 311 E +18
Uittrede van de maan uit de bijschaduw 23 09,5 013 10 E 17 10 S 304 E +21
De lengte en de breedte hebben betrekking op het punt op aarde waar de maan zich op dat
ogenblik in het zenit bevindt. De positiehoek is die van de denkbeeldige lijn die het
midden van de maanschijf met het midden van de aardschaduw verbindt, en wordt gemeten in
het midden van de maanschijf, in tegenwijzerzin vanaf het noorden. Bij het begin en het
einde van de bij- en kernschaduwfaze is dit de positiehoek van het contactpunt. De hoogte
van de maan en de tijdstippen van maansopkomst en -ondergang worden bepaald door haar
middelpunt zonder rekening te houden met refractie.
Grootte van de verduistering: 1,309, als de middellijn van de maanschijf als eenheid
genomen wordt.

1 t/m 6 : vanuit deze gebieden is de intrede in de bijschaduw zichtbaar 2 t/m 7 : vanuit deze gebieden is de intrede in de kernschaduw zichtbaar 3 t/m 8 : vanuit deze gebieden is het begin van de totaliteit zichtbaar 4 t/m 9 : vanuit deze gebieden is het einde van de totaliteit zichtbaar 5 t/m 10: vanuit deze gebieden is de uittrede uit de kernschaduw zichtbaar 6 t/m 11: vanuit deze gebieden is de uittrede uit de bijschaduw zichtbaar 6 : vanuit dit gebied is de volledige verduistering waarneembaar 5 t/m 7 : vanuit deze gebieden zijn de kernschaduwfazen volledig waarneembaar 4 t/m 8 : vanuit deze gebieden is de totaliteit in zijn geheel waarneembaar.
III.-- 14 oktober 2004,
gedeeltelijke zonsverduistering,
onzichtbaar in België.
Lengte
t.o.v.
FAZEN Wereldtijd Greenwich Breedte
--- --- --- ---
h m o ' o '
Begin van de verduistering 00 54,5 093 21 E 68 19 N
Maximum van de verduistering 02 59,5 154 08 W 61 10 N
Einde van de verduistering 05 04,2 171 24 W 14 16 N
Maximale grootte van de verduistering: 0,929, als de middellijn van de zonneschijf als
eenheid genomen wordt.

P Gedeeltelijke zonsverduistering, zichtbaar. p Gedeeltelijke zonsverduistering, gedeeltelijk zichtbaar.
IV.-- 28 oktober 2004,
totale maansverduistering,
zichtbaar in België.
Lengte hoogte
t.o.v. positie- te
FAZEN Wereldtijd Greenwich Breedte hoek Ukkel
--- --- --- --- --- ---
h m o ' o ' o o
Intrede van de maan in de bijschaduw 00 05,5 006 54 W 12 46 N 075 E +50
Intrede van de maan in de kernschaduw 01 14,3 023 35 W 13 02 N 081 E +45
Begin van de totale verduistering 02 23,4 040 19 W 13 17 N 103 E +37
Maximum van de verduistering 03 04,0 050 10 W 13 26 N 155 E +32
Einde van de totale verduistering 03 44,6 060 01 W 13 36 N 206 E +26
Uittrede van de maan uit de kernschaduw 04 53,7 076 45 W 13 51 N 228 E +15
Uittrede van de maan uit de bijschaduw 06 02,6 093 28 W 14 06 N 234 E +05
De lengte en de breedte hebben betrekking op het punt op aarde waar de maan zich op dat
ogenblik in het zenit bevindt. De positiehoek is die van de denkbeeldige lijn die het
midden van de maanschijf met het midden van de aardschaduw verbindt, en wordt gemeten in
het midden van de maanschijf, in tegenwijzerzin vanaf het noorden. Bij het begin en het
einde van de bij- en kernschaduwfaze is dit de positiehoek van het contactpunt. De hoogte
van de maan en de tijdstippen van maansopkomst en -ondergang worden bepaald door haar
middelpunt zonder rekening te houden met refractie.
Grootte van de verduistering: 1,313, als de middellijn van de maanschijf als eenheid
genomen wordt.

1 t/m 6 : vanuit deze gebieden is de intrede in de bijschaduw zichtbaar 2 t/m 7 : vanuit deze gebieden is de intrede in de kernschaduw zichtbaar 3 t/m 8 : vanuit deze gebieden is het begin van de totaliteit zichtbaar 4 t/m 9 : vanuit deze gebieden is het einde van de totaliteit zichtbaar 5 t/m 10: vanuit deze gebieden is de uittrede uit de kernschaduw zichtbaar 6 t/m 11: vanuit deze gebieden is de uittrede uit de bijschaduw zichtbaar 6 : vanuit dit gebied is de volledige verduistering waarneembaar 5 t/m 7 : vanuit deze gebieden zijn de kernschaduwfazen volledig waarneembaar 4 t/m 8 : vanuit deze gebieden is de totaliteit in zijn geheel waarneembaar.
Toelichtingen
De basisgegevens voor dit hoofdstuk werden ontleend aan de numerieke integratie DE200, ons
welwillend ter beschikking gesteld door het U.S. Naval Observatory. Om over te gaan van
Terrestrische Tijd (TT) naar Wereldtijd (UT) werd gebruik gemaakt van de volgende
voorlopige vergelijking:
UT = TT - 64,0 s
|
|
Last updated on 8 july 2003 by HL |